Nematoden onder Controle

Vacature laborant M/V
Nemacontrol is een onafhankelijk laboratorium voor nematologisch bodemonderzoek, voor diverse sectoren in de land-en tuinbouw zoals akkerbouw, vollegronds groenteteelt, (klein)
Read more.
M. chitwoodi; tulpen en resistente bladrammenas
M. chitwoodi bestrijden; tulpen gerooid, resistente bladrammenas erin! Nu de tulpen gerooid worden/zijn, kan erachteraan een groenbemester gezaaid gaan worden.
Read more.
Meloidogyne chitwoodi gevonden, WAT NU..?
BodAcom heeft een stappenplan ontwikkeld om Meloidogyne chitwoodi (maïswortelknobbelaaltje) te voorkomen en te bestrijden. Onderzoek Nemacontrol biedt verschillende bemonstering methoden
Read more.

Het bodemonderzoek door Nemacontrol geeft een beeld van de besmettingsgraad met de verschillende soorten aaltjes. Bij de uitslag worden teelt- en bestrijdingsadviezen gegeven en een schatting van de te verwachten schade.

Biologie

Er zijn twee soorten aardappelcystenaaltjes: het gele aardappelcystenaaltje (Globodera rostochiensis) en het witte aardappelcystenaaltje (Globodera pallida). Ze veroorzaken aardappelmoeheid (AM); pleksgewijs blijven aardappelplanten achter in de groei, er ontstaan valplekken. Vanaf juni verschijnen op de sterk vertakte wortels witte, later soms gele en vervolgens bruine cysten. Alleen aardappel is waardplant, aardappel is zeer gevoelig voor schade.

Soorten onderzoek op aardappelcystenaaltjes (Globodera rostochiensis, Globodera pallida):

  • Extensief onderzoek op aardappelcystenaaltjes: AMEX 1 monster van 600 ml/ha (code 1Es)
  • Intensief onderzoek op aardappelcystenaaltjes: AMI-100 (100 cystenhaard methode). 5 monsters van elk 1,7 kg/ha (code 1H)
  • Intensief onderzoek op aardappelcystenaaltjes en wortelknobbelaaltjes (Meloidogyne chitwoodi en M. fallax) aan 10 kg/ha, submonsters van 500 ml/ha. Melo-intensief (code 4MI). Bemonsteringsdiepte 0-25 cm of naar keuze 5-10 cm.

Biologie

Er zijn twee soorten bietencystenaaltjes: het witte bietencystenaaltje (Heterodera schachtii) en het gele bietencystenaaltje (Heterodera betae). Het geel bietencystenaaltje komt vnl. op zandgronden voor. Ze veroorzaken o.a. bietenmoeheid (bodemmoeheid); aangetaste planten blijven meestal pleksgewijs achter in de groei; bij ter plaatse gezaaide gewassen vaak wegval en groeivertraging; bij bieten sterke zijwortelvorming (baardgroei). Op de wortels zitten eerst witte (of gele), later bruingele (of roodbruine) cysten.

Sterk gevoelig voor H. schachtii zijn: suikerbiet, kroot, koolzaad; matig gevoelig: kool, spinazie en rabarber. Sterk gevoelig voor H. betae zijn: suikerbiet, kroot, erwt; matig gevoelig: koolzaad, koolsoorten, spinazie, slaboon, veldboon en klaver.

Soorten onderzoek op bietencystenaaltjes (Heterodera schachtii, H. betae):

  • onderzoek op bietencystenaaltjes aan maximaal 1200 ml grond. (code 2).

Op verzoek kunnen monsters ook op andere soorten cystenaaltjes onderzocht worden.

Biologie

Er zijn verschillende soorten vrijlevende planteparasitaire aaltjes, die ofwel vrij in de grond voorkomen en de wortels van buiten af aanprikken ofwel de plantenwortels binnendringen en inwendig de plantencellen aanprikken. Deze aaltjes kunnen flinke schade aanrichten in de akkerbouw, vollegronds groenteteelt, (klein) fruitteelt, glastuinbouw, bloembollenteelt, boomkwekerij en bloemisterij. Die schade kan zijn opbrengstderving, maar ook kwaliteitsschade door misvorming van te oogsten delen of overdracht van virussen.

Het gaat om verschillende soorten:

  • wortelknobbelaaltjes (o.a Meloidogyne hapla, M. chitwoodi, M. fallax en M. naasi)
  • wortellesieaaltjes (o.a Pratylenchus penetrans, Pratylenchus vulnus)
  • vrijlevende wortelaaltjes (o.a. Trichodoridae, Longodoridae, Rotylenchus sp., e.a.)
  • stengelaaltjes (Ditylenchus dipsaci, Ditylenchus destructor)
  • bladaaltjes (o.a. Aphelenchoides fragariae, Aphelenchoides ritzemabosi)

Soorten onderzoek op (vrijlevende) planteparasitaire aaltjes:

  • onderzoek op planteparasitaire aaltjes (o.a. Pratylenchus-soorten, Meloidogyne-soorten, Trichodoridae, Rotylenchus, Paratylenchus, Longidoridae) excl. cystenaaltjes (code 4)
  • onderzoek op planteparasitaire aaltjes in substraat, excl.cystenaaltjes (code 4S)
  • onderzoek op planteparasitaire aaltjes, incl. cystenaaltjes voor compost (4+3 comp)
  • onderzoek op wortelknobbelaaltjes (Meloidogyne-soorten) aan 250 ml, excl. grove fractie (code 4M)
  • intensief onderzoek op wortelknobbelaaltjes en aardappelcystenaaltjes (Meloidogyne chitwoodi, M. fallax en Globodera spec.) aan 10 kg/ha, submonsters van 500 ml/ha. Melo-intensief (code 4MI). Bemonsteringsdiepte 0-25 cm of naar keuze 5-10 cm.
  • onderzoek op Longidoridae (Xiphinema sp., Longidorus sp.), voor Naktuinbouwkeuring, 5 monsters/ha, incl. bemonstering (code 5)
  • onderzoek op stengelaal + witrot voor Naktuinbouwkeuring, 5 monsters/ha, incl. bemonstering (code 8+9)

Op aanvraag kunnen we ook naar een speciaal soort aaltje onderzoek doen of kunnen onderzoeken gecombineerd worden.

Biologie

Verwelkingsziekte wordt veroorzaakt door de schimmels Verticillium dahliae en Verticillium albo-atrum. Deze ziekte veroorzaakt vroegtijdige afsterving van het gewas en komt in groot aantal gewassen voor, o.a. aardappel, biet, aardbei en boomkwekerijgewassen.

Onderzoek

Het onderzoek naar Verwelkingsziekte gebeurt op basis van het DNA van de twee Verticillium-soorten in de grond. De uitslag is binnen vier weken na de bemonstering bekend. De analyse is zowel kwalitatief als kwantitatief. Eventuele besmetting wordt weergegeven in 5 besmettingsklassen.

Over ons

Nemacontrol is een onafhankelijk laboratorium voor nematologisch onderzoek gevestigd in Dronten. Nemacontrol is een vennootschap onder firma (v.o.f.), opgericht 7 augustus 2001 en ingeschreven bij de Kamer van Koophandel Flevoland te Lelystad.

Doelstellingen
Het bedrijf is opgericht om op commerciele basis grondonderzoek uit te voeren naar nematoden (aaltjes) voor diverse sectoren in de land- en tuinbouw zoals akkerbouw, vollegronds groenteteelt, (klein) fruitteelt, boomteelt, bloemisterij en bloembollenteelt. Voor de land- en tuinbouw zijn nematoden van belang als potentiele schadeverwekkers.

Alles onder één dak
Naast het bemonsteren en de analyse in het laboratorium kunnen wij dankzij onze adviesafdeling BodAcom u voorzien van een oplossing op maat. Dit allemaal bij één bedrijf met één contactpersoon.

bodemonderzoek

drs. Frank Galle
Nematoloog

bodemonderzoek

drs. Peter Hermelink
Nematoloog

bodemonderzoek

Sebastiaan ten Napel
adviseur

Erkenning

Nemacontrol is vanaf 7 november 2012 door de Naktuinbouw ASLN (Accredited Service Laboratories Naktuinbouw) erkend voor bemonstering van percelen en onderzoek op diverse aaltjes en witrot op basis van ASLN Conditions 2012 Naktuinbouw.

Om de kwaliteit van voortkwekingsmateriaal te bewaken is het verplicht om onder de vlag van Naktuinbouw bij een aantal gewassen keuringsonderzoek te doen op bepaalde aaltjes. Nemacontrol is middels het ASLN-certificaat door Naktuinbouw erkend om onderstaande onderzoeken uit te voeren:

bemonstering en onderzoek op;

  • stengelaal (Ditylenchus dipsaci) en witrot (Sclerotium cepivorum) bij de teelt van 1e jaars plantuien;
  • longidoridae voor virusvrije teelt van aardbeiplanten, kleinfruit en prunus;
  • pratylenchus penetrans, Pratylenchus vulnus, Meloidogyne hapla en Xiphinema diversicaudatum voor certificering van teeltmateriaal van rozen;
  • trichodoridae bij Freesia;
  • diverse aaltjes voor de certificering van compost (gft).

Contact

Laboratorium

Houtwijk 75
8251 GD Dronten

t. +31(0)321-319599
f. +31(0)321-319334
e. info@nemacontrol.nl

   

Advies & Sales

Wimjan Brasser
Flevoland & Noord-Nederland
+31(0)6-207 68 559
w.brasser@nemacontrol.nl

Sebastiaan ten Napel
Noordoostpolder & Zuid-Nederland
+31(0)6-130 49 002
s.tennapel@nemacontrol.nl


captcha